“Het zit er wel in, maar het komt er niet uit.”

Die zin hoor ik ouders zo vaak zeggen. Met een mengeling van frustratie, twijfel en zorg. Want je ziet het thuis. Je ziet hoe slim je kind is, hoe creatief, hoe scherp. En toch lijkt het op school steeds mis te gaan. Slechte toetsen, tranen bij huiswerk, een kind dat steeds stiller wordt of juist boos.

En bijna automatisch schuift de aandacht één kant op: naar het kind.

Wat gaat er mis?
Wat heeft hij nodig?
Is er iets wat we nog niet gezien hebben?

Maar misschien is dat de verkeerde vraag.

Misschien leert je kind anders dan school verwacht. En misschien ligt het probleem niet bij je kind, maar bij de situatie waarin wij, volwassenen, hem hebben geplaatst.

Je kind leert anders dan school verwacht en dat is geen toeval

Wat betekent het als een kind anders leert dan school verwacht?
Dat betekent dat het brein van je kind informatie op een andere manier verwerkt dan de schoolomgeving vraagt. Niet beter of slechter, maar op een andere manier. Wanneer de manier van uitleg, tempo en prikkels niet aansluiten, lijkt het alsof leren niet lukt, terwijl het potentieel er wél is.

Het schoolsysteem is ingericht op een bepaalde manier van leren. Stap voor stap. Instructie, herhaling, toetsen. Veel uitleg in woorden, veel stilzitten, veel prikkels tegelijk.

Voor een grote groep kinderen werkt dat prima.

Maar niet voor allemaal.

Sommige kinderen verwerken informatie anders. Ze denken in beelden. Ze voelen eerst, begrijpen later. Ze hebben overzicht nodig voordat details landen. Niet omdat ze niet kunnen leren, maar omdat hun brein een andere volgorde hanteert.

Als een kind leert anders dan school, ontstaat er wrijving. Niet meteen. Vaak sluimerend.

Het begint met kleine signalen:

  • moeite met automatiseren
  • afhaken bij klassikale uitleg
  • alles snappen, maar het niet kunnen laten zien
  • spanning bij toetsen

En voor je het weet, lijkt het alsof het kind het probleem is.

Het probleem zit niet in je kind, maar in de situatie

We zijn geneigd gedrag te verklaren door naar het individu te kijken. Dat voelt logisch. Dat is overzichtelijk.

Maar gedrag ontstaat altijd in context.

Een vergelijking die dit scherp maakt, is die van een legbatterij. Kippen die dicht op elkaar zitten, zonder ruimte, zonder natuurlijke omgeving. Die kippen gaan opvallend gedrag vertonen. Pikgedrag. Stress. Onrust.

Niemand zegt dan: “Deze kip deugt niet.”

We kijken naar de omstandigheden.

Bij kinderen doen we dat vaak anders.

Wanneer een kind leert anders dan school, reageren we op het gedrag alsof het losstaat van de omgeving. Terwijl dat gedrag juist een logisch antwoord is op een onnatuurlijke situatie.

Te veel prikkels.
Te weinig ruimte.
Te weinig aansluiting.

Het kind probeert zich staande te houden. En dát ziet eruit als falen.

Waarom we blijven zoeken naar wat er mis is met het kind

Het is geen onwil. Het is een systeemreflex.

Onderwijs is gebouwd op meten, vergelijken en verklaren. Als iets niet loopt, zoeken we naar een oorzaak die hanteerbaar is. En die ligt vaak bij het kind.

Voor ouders is dat verwarrend.

Je hoort dat je kind slim is.
Maar ook dat hij niet meekomt.
Dat hij meer moet oefenen.
Dat het ‘er gewoon niet uitkomt’.

En langzaam sluipt er twijfel binnen.

Ligt het aan hem?
Doen wij iets verkeerd?
Moeten we harder ingrijpen?

Terwijl de echte vraag misschien is:

Wat gebeurt er met een kind dat leert anders dan school verwacht, maar elke dag moet functioneren alsof dat verschil er niet mag zijn?

Hoe herken je dat je kind anders leert dan school verwacht?

Je herkent het vaak niet aan één groot signaal, maar aan een patroon.

Je kind leert mogelijk anders dan school verwacht als:

  • het thuis meer laat zien dan op school
  • het antwoord wel weet, maar het niet onder druk kan laten zien
  • uitleg pas landt als het overzicht heeft
  • creativiteit en inzicht groot zijn, maar schooltaken veel energie kosten
  • frustratie vooral ontstaat bij toetsen en huiswerk

Ouders zeggen dan vaak:
“Hij kan het wel, maar niet op deze manier.”

En dat klopt.

Een kind leert anders dan school wanneer de manier van aanbieden niet aansluit bij hoe informatie vanzelf verwerkt wordt. Dat heeft niets te maken met intelligentie. Alles met afstemming.

Een kind dat anders leert dan school verwacht, is geen kind met een probleem, maar een kind in een omgeving die niet past.

Wat er gebeurt als we stoppen met het kind repareren

Zodra de focus verschuift, verandert er iets wezenlijks.

Niet meteen in cijfers.
Maar in houding.

Kinderen die niet meer het gevoel hebben dat ze ‘stuk’ zijn, ontspannen. Ze durven weer te proberen. Ze maken fouten zonder dat hun hele zelfbeeld instort.

Dat is geen luxe.
Dat is de basis.

Leren kan pas stromen als een kind zich veilig voelt. Als er ruimte is. Als het tempo klopt.

Wanneer een kind leert anders dan school, betekent dat niet dat school fout is. Het betekent dat één vorm niet voor iedereen werkt.

En dat vraagt iets anders van ons.

Wat kun je als ouder nu doen?

Je hoeft het systeem niet meteen te veranderen.
Je hoeft geen strijd te voeren.

Wat je wél kunt doen:

  • Blijf het gedrag van je kind zien als signaal, niet als bewijs
  • Bescherm het zelfbeeld, los van prestaties
  • Stel andere vragen dan “waar gaat het mis?”
  • Vertrouw op wat je al ziet en voelt

Je kent je kind.

En als jij voelt: mijn kind leert anders dan school, dan is dat geen zwakte. Dat is informatie.

Moraal van dit verhaal

Stop met kinderen de schuld geven.

Er gaat niets mis met je kind.

Het zit erin.
Het komt er alleen anders uit.

En soms is dat precies wat een kind nodig heeft: dat er eindelijk iemand is die niet probeert hem te repareren, maar de omgeving durft te herzien.

Elk kind kan leren.
Soms alleen niet op de manier die wij ooit hebben bedacht.

 

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.


Klik op de voorbeeldknop om jouw bijdrage te controleren op fouten, daarna kan je de code uit de afbeelding (deze verschijnt automatisch) invoeren en op de verzendknop klikken.